| |
In de noordelijke kooromgang zijn tegen twee pijlers van het koor afbeeldingen geschilderd van Mozes (foto rechts, boven) en mogelijk Aäron (foto rechts, onder). De voorstellingen dateren uit ca. 1460.
![]() De schildering van Mozes verwijst duidelijk naar het sacrament (overigens doet een kraagsteen iets verderop dat ook). Mozes is namelijk afgebeeld in een regen van manna, het ‘brood uit de hemel’ waarmee God de Israëlieten in de woestijn voedde nadat zij tegen Mozes en Aäron over honger hadden geklaagd (Exodus 16). In de Bijbel wordt het manna beschreven als klein en rond, wit als korianderzaad en met de smaak van honingkoeken. In de Middeleeuwen werd het manna gezien als een voorafbeelding van het sacrament van het ‘lichaam van Christus’; de gewijde hostie was immers ook ‘brood uit de hemel’, en ziet er klein, wit en rond uit. Op de banderol boven Mozes’ hoofd stond—zo blijkt uit de 19e-eeuwse aquarel—mogelijk de tekst: “iste est panis quem dedit Dominus vobis ad vescendum” (Exodus 16:15; “dit is het brood dat de Here u tot spijze gegeven heeft”). Verder is Mozes hier afgebeeld met zijn staf en met de stenen tafelen, waarop hij de Tien Geboden ontving. Onder de figuur van Mozes is nog ternauwernood het volk Israël zichtbaar dat het manna verzamelt. Tegenover Mozes is mogelijk zijn oudere broer Aäron afgebeeld. Aäron was de eerste hogepriester (Leviticus 8–9); aan zijn nageslacht werd het priesterambt toevertrouwd (Exodus 28). Hij is hier met bisschopsmijter en -mantel getoond. Onder hem zien we nog enkele niet nader te identificeren mensen. |
|
Literatuur:
- Lemmens, G.Th.M., ‘De oude inrichting van de Stevenskerk’, Numaga 16 (1969), 274–317 [i.h.b. 286–288 en 316n27–30].